Monthly Archives: March 2010

Two Door Cinema Club – ‘Tourist History’ (Kitsuné Music)

Na de EP ‘Four Words To Stand On’ uit 2009 is sinds een tijdje de eerste langspeler ‘Tourist History’ van Two Door Cinema Club uit. Een van kop tot staart boeiende plaat. Dit trio uit Bangor, Noord-Ierland combineert het beste van de Brooklyn-scene met typisch Britse dansbare hitgevoeligheid. Vier singles zijn er al van deze opvallend goede plaat getrokken (hoewel jammer genoeg nog niet van mijn fave ‘Come Back Home’). Op ‘Something Good Can Work’ komen Vampire Weekend-liefhebbers aan hun trekken, ‘Do You Want It All?’ had op naam van Ben Gibbard van Death Cab For Cutie kunnen staan, en ‘I Can Talk’ en ‘Undercover Martyn’ zijn lekkere uptempo dansvloervullers. Over het geheel stemt dit album tot vrolijkheid, zoals bands als Phoenix en The Rifles dat ook zo goed kunnen. Toch is het zeker geen platte Britpop zoals zo veel anderen; daar zijn de hoge gitaren, de tempowisselingen, de arrangementen en de zanglijnen net wat te intelligent voor. Leer de teksten van deze fijne zomerse schijf alvast uit je hoofd, dan kun je ze op 31 mei live in VERA keihard meezingen! Met songs als dit moet dat haast wel een geweldig concert worden!

T-Ice

Advertisements

Leave a comment

Filed under Album reviews

PePr’s Pusherman Playlist Week 11

ttb

Leave a comment

Filed under Trash That Beat

Redactioneel Vera Krant 6 2010

Alex Chilton 28/12/1950 – 17/03/2010

Deze heerlijke lentedag, waarop de vrolijke koppies van de krokussen uit de grond plopten, werd vanmiddag overschaduwed door een rock’n’roll dode. Alex Chilton is in zijn huidige woonplaats New Orleans bezweken aan een hartaanval. De in Memphis geboren grootheid werd 59 jaar. Alex was er al vroeg bij, want als zanger van The Box Tops scoorde hij een vette hit met The Letter op zijn 16de, een jaar later (1968) gevolgd door Cry Like A Baby. Die nummers waren van andermans hand maar in de 70er jaren ontwikkelde Alex zich tot een begenadigd songwriter/gitarist. Eerst met Big Star (denk aan Beatles/Kings), later solo. Het commerciele succes kwam hem niet meer toe maar hij werd wel een cultheld. Bands als bijvoorbeeld Pavement, R.E.M. en Wilco lopen weg met Big Star. Ook zijn solo plaat Like Flies On Sherbert (geproduceerd door Jim Dickenson) mag niet onvermeld blijven.

Vera LP met o.a. Alex Chilton

Als producer was Alex ook zelf flink actief, bijvoorbeeld voor de ons niet onbekende Gories en Panther Burns. Tussen 1988 en 1990 speelde Alex hier liefst 3x (voor resp. 102, 313 en 240 bb). Vooral zijn eerste concert viel in de smaak getuige een 4de plaats in de Vera Poll, na resp. Giant Sand, The Dream Syndicate en Wipers, maar voor Butthole Surfers, Sonic Youth, Big Black, The Gun Club en The Replacements. In dat jaar schreef Paul Westerberg (R) zelfs het nummer Alex Chilton, het ultieme eerbetoon, dat te vinden is op Please To Meet Me.

In 1993 wisten PosiesJon Auerbach en Ken Stringfellow Alex te vermurwen verder te gaan met Big Star. Zij speelden regelmatig en zouden a.s. zaterdag optreden op SXSW in Austin Texas.

Rock’n’Remember, PePr

Leave a comment

Filed under Rock'n'Joy

The Album Leaf – Rotown (13/03/2010)

Vanwege het schitterende plaat A Chorus of Storytellers toeren deze heren opnieuw de hele wereld rond, waarbij ze afgelopen zaterdag in een goed gevuld Rotown vooralsnog hun enige optreden de in Nederland gaven. Voorman Jimmy LaValle en diens vrienden uit de postrockscene van San Diego wilden voor het Nederlandse publiek vooral overtuigen. Dat zag je en dat hoorde je. De band speelde de nieuwe plaat nagenoeg integraalm al was het geheel ietsje harder en ze de nummers met een tikje meer bezieling brachten. LaValle droeg het concert en was vooral druk bezig op de Rhodes, met de Moog en op de Korg, waarbij violist Matt Resovich (oa Black Heart Procession) en multi-instrumentalist Drew Andrews subtiel ruggensteun verleenden met viool, gitaar, toetsen en zang. Enigszins stoïcijns vulden drummer Tim Reece (met zonnebril) en bassist Gram LeBron (oa Rogue Wave) het gezelschap aan. Beeldkunstenaar Andrew Pates was op de achtergrond verantwoordelijk voor de visuals, die alleen tijdens We Are‘ als toevoeging dienden. De band moest het meer hebben van hun songs, bijvoorbeeld van de zwaar aangezette opener Perro’, het gedetailleerde Within Dreams’ of het opwindende Stand Still’. De band hield met een helder geluid, een redelijk tempo en dito dynamiek de spanning goed vast, waardoor de zwakke momenten werden omzeild. Aan het einde van de set en vooral in de (lange) toegift, kwamen er nog een paar ‘oudjes’ langs; nummers van het onvolprezen In a Safe Place en van One Day I’ll Be On Time. The Album Leaf had het vanavond prima onder controle. Mooi concert.              

Niek

Leave a comment

Filed under Bühnenleben

Alphabeat – De Oosterpoort (15/03/2010)

Vorige keer in De Oosterpoort had ik met Alphabeat ook al een fantastische avond en deze keer was dat niet anders. Vanaf de eerste tonen gaan deze Deense jongens en meisje er vrolijk tegenaan en zonder moeite krijgen ze íedereen mee. Om me heen zie ik enkel breed glimlachende en dansende mensen. Deze band (het is een 100% liveband) is ontzettend goed bezig in hun gekozen genre en heeft een overtuigdheid en spelplezier die je bij de meeste indie en underground bands in de verste verte niet tegenkomt. En dat op een halfvolle maandagavond! Ik vind zelf het eerste album beter, maar live komt het nieuwe werk ook prima uit de verf. Leuke hem/haar afwisseling van stemmen en een uitgebreide lichtshow maken het plaatje compleet. Ik heb me supergoed vermaakt!

Mainstream pomuziek is natuurlijk net zo goed een genre waar artiesten kunnen uitblinken, vanwege de extreme concurrentie van marktgerichte bands in dit genre is het misschien nog wel moeilijker om je te onderscheiden ook. Er lijkt zo’n vooroordeel te heersen dat zes goedgekapte frisse europoppende Denen nooit goede muziek kunnen maken en dat een eikel met gitaar en introspectieve ‘kleine’ teksten per definitie een artistiek wonder is. Dat mag iedereen voor zichzelf bepalen natuurlijk, ik stel dan ook voor dat iedereen dat maar eens voor zichzelf gaat doen! Rock on!

Hassán

1 Comment

Filed under Bühnenleben

The Drums – ‘Summertime!’ (Moshi Moshi, Pop Frenzy)

De sneeuw smelt nu dan eindelijk, de vogeltjes fluiten, de zon ontwaakt uit een lange winterslaap: Summertime! Deze EP van postpunkers The Drums is nu al de soundtrack voor de warmere jaargetijden. Niet voor niets noemden diverse, vooral Britse bladen deze jonge band dé tip voor 2010. Vooral de hit ‘Let’s Go Surfing’ blijft met de fijne bas, het vrolijke gefluit en, niet onbelangrijk, een ijzersterk refreintje de hele dag door je hoofd zingen. Het is goed te horen dat The Drums uit Brooklyn komen: ze hebben dat springerige en eigenzinnige dat ook de eerste Vampire Weekend kenmerkte. En de gitaartjes en zang doen ook wel denken aan de glorietijd van The Cure! Deze veelbelovende EP doet verlangen naar de eerste volwaardige langspeler. En naar de zomer! De onderhandelingen voor een show in Vera zijn inmiddels succesvol afgesloten, The Drums zijn hier op zaterdag 5 juni te zien!!!

T-Ice

Leave a comment

Filed under Album reviews

The Besnard Lakes – ‘The Besnard Lakes Are The Roaring Night’ (Jagjaguwar)

Op 1 april speelt The Besnard Lakes in Vera en Niek informeert je daarover in deze krant. The Besnard Lakes zijn Jace Lasek en Olga Goreas en zij runnen The Breakglass Studio in Montreal. Onlangs verscheen op het geweldige label Jagjaguwar hun tweede plaat The Besnard Lakes Are The Roaring Night uit. Jagjaguwar is een label dat muziek uitbrengt van de recente stroom aan interessante Amerikaanse en Canadese bands, zoals Sunset Rubdown, Bon Iver, Black Mountain, Ladyhawk en Lightning Dust. Op The Besnard Lakes Are The Dark Horse uit 2007 stond de muziek als een huis, zowel in zeggingskracht als productie. Dat is op …Are The Roaring Night nog steeds het geval. De muziek bestaat uit vele lagen en de productie klinkt vol en vet. Openingsnummer ‘Like the Ocean’ is opgesplitst in twee delen en duurt ruim negen minuten. Een kneiter van een nummer. Je hoort eerst wat feedback en dan valt de zang en licht pianospel in. Als dan de drums invallen, heb je rock in een geweldige vorm: opbouwende spanning en een muur van geluid. In ‘Chicago Train’ komt door Lasek’s stijl van zingen Alan Sparhawk (Low, Retribution Gospel Choir) ineens wel heel dichtbij, en tijdens ‘Glass Printer’ hoor je gitaarmuren à la My Bloody Valentine. Heerlijk! In ‘Land Of The Living Skies’ hoor je invloeden van psychedelische rock uit de jaren zeventig. Dat is ook niet gek als je bedenkt dat met de mengtafel in de studio van Lasek en Goreas enkele Led Zeppelin-platen zijn opgenomen. De hele plaat is trouwens doorspekt van de seventies rock. Een aanrader. En zorg dat je in Vera bent op 1 april, want dit kan live (dan als kwartet) wel eens heel mooi uitpakken.

Yvar

Leave a comment

Filed under Album reviews