HUT SPOT: PARODISSIMO (JANUARI 2010)

Ik ken mijn klassiekers niet. Ik geef het maar eerlijk toe. Over zulke dingen kun je beter niet liegen, want je valt er geheid mee door de mand. Ik ben een cultuurjunk, maar ook een slow cooker. Toen ik nog leeslijsten had voor mijn eindexamen en mijn studie Frans ging het rap. Zit er druk op de ketel en gaat de zweep erover, dan wil ik wel. Ik ben namelijk ook een brave leerling en een studiehoofd. Mijn eigen tempo ligt aanzienlijk lager. Over Márquez’ Honderd jaar eenzaamheid, waarvan een vriend een keer tot mijn verontwaardiging zei dat hij het zo slecht vond dat hij er letterlijk de kachel mee had aangemaakt, deed ik een figuurlijke honderd jaar. Steeds weer bleef de vuistdikke pil een week onaangeraakt op mijn nachtkastje liggen en moest ik bij wederterhandneming pagina’s terugbladeren en op de bijgevoegde familiestamboom zitten puzzelen om alle Aureliano’s uit elkaar te kunnen houden. Toch hield ik van dit boek en herinner ik mij details die vrienden die erover opgeven allang vergeten zijn. Ik ben een trage doch zorgvuldige consument. Ik proef goed. Als de smaak me bevalt blijft hij me lang bij. Misschien wel een leven lang.

Toch staat dit trage consumptiegedrag een brede algemene kennis enigszins in de weg. Zo kwam ik tijdens mijn studie slechts aan het eerste deel van het lijvige A la recherche du temps perdu toe, zag ik de magnifieke series Twin Peaks en Een schitterend ongeluk nooit uit en liggen De Kersenboomgaard (1904) en Madame Bovary (1856) nog steeds op de stapel van boeken-die-ik-nog-altijd-moet-lezen. Juist van die twee laatste meesterwerken zag ik het afgelopen jaar een gespeelde versie die naar ik vermoed de geschreven tekst heel dicht nadert – want de leesslak in mij gaat graag naar de bioscoop en het theater voor de virtuele versie. Noem het luiheid, ik zeg dat het een handige manier is om mijn van nature trage ritme te ondervangen.

Op 18 december speelden ‘t Barre Land en Discordia dat bewuste stuk van Tsjechov in Grand Theatre. De verarmde Russische landadel serveerde cider aan het publiek, kwekte over het weer als een stel oude wijven, schmierde met maniertjes en verloor zich in overige algemeenheden om niet te hoeven zeggen hoezeer het stak dat de oude datsja verkocht moest worden aan de eerste de beste projectontwikkelaars die de oude kersenboomgaard wilde platgooien om er zomerhuisjes op te bouwen. Alles gespeeld met een distantie die van het ernstige stuk bijna een klucht maakte.

In eerste instantie voelde ik me een beetje bekocht. Namen ze de oude Tsjechov nu op de korrel of zat die spot al in het script en hadden de recensenten die ik erop nageslagen had er per ongeluk overheen gelezen? Toen herinnerde ik me Claude Chabrol’s verfilming van Flaubert, met in de hoofdrol de onvolprezen ijskast Isabelle Huppert – per definitie afstandelijker dan een zoetgevooisde actrice van hetzelfde zeshoekige continent dat Frankrijk heet. Ook die visualisering van een geschreven werk waarvan ik altijd had begrepen dat het hartverscheurend en hoogdramatisch was had ik destijds met stijgende verbazing zitten bekijken. Ik herinnerde me niets van al die ongein uit de beschrijvingen de dames en heren literatuurdocenten.

De toelichting van Chabrol (1930 – 2010), in de DVD-extra’s die ik altijd van voor tot achter bekijk, werkte verhelderend. Flaubert meende het bloedserieus, legde de vriendelijk ogende grijsaard uit, maar hij was ook niet vies van een geintje en een meester in het parodiëren van de romantische literatuur van zijn tijd. Dat Chabrol zelf graag lachte om de oneindige onbenulligheid van de mensheid, zichzelf incluis, verklaart goeddeels waarom Madame Bovary hem na aan het hart lag. Dat hij het graag opnam voor de vrouw, die zijns insziens in de kunst al te vaak als monster wordt afgeschilderd, ook. Humoristische boeken schreeuwen om humoristische regisseurs die ze willen verfilmen. En humoristische toneelstukken om humoristische theatermakers.

Er staat een schier eindeloze reeks fake-trailers van de zogenaamde verfilming van Honderd jaar eenzaamheid op YouTube – met beelden van onder anderen Gladiator en 300. Waar is de humoristische regisseur die dit epos van de houtkachel redt?

Anneke Claus

Advertisements

Leave a comment

Filed under Hut Spot

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s